Verhoging kostenvergoeding holt vrijwilligerswet uit

Na het goedkeuren van de vrijwilligerswet engageerde de ministerraad zich midden september ook om het plafond van de kostenvergoedingen voor sportvrijwilligers, nacht- en dagoppassen en niet-dringend liggend ziekenvervoer op te trekken.  Onder meer de Hoge Raad voor Vrijwilligers en Het Vlaams Steunpunt Vrijwilligerswerk hebben zich reeds negatief uitgesproken over deze evolutie.

Het betreft een voorstel van minister van Werk Kris Peeters, minister van Sociale Zaken Maggie De Block en minister van Financiën Johan Van Overtveldt. Voor nacht- en dagoppassen en niet-dringend liggend ziekenvervoer betekent het jaarplafond van 1.334 euro, dat ze hun engagement maar beperkt kunnen uitvoeren, zo geven zij aan. Volgens de ministerraad zal het optrekken van het plafond voor die activiteiten daar verandering in brengen. Onder meer de Hoge Raad voor Vrijwilligers en Het Vlaams Steunpunt Vrijwilligerswerk hebben zich reeds negatief uitgesproken over deze evolutie. Koninklijk besluit Op basis van artikel 12 in de vrijwilligerswet kan er besloten worden om het jaarlijks kostenplafond op te trekken voor bepaalde categorieën van vrijwilligers. Onlangs heeft de ministerraad een ontwerp van koninklijk besluit goedgekeurd waarbij men voor de sportsector, het niet-dringende ziekenvervoer en voor de oppassers in de nacht- en dagopvang het plafond gevoelig optrekt. Het gaat bijna om een verdubbeling van de forfaitaire vergoeding: van 1364 euro naar 2500 euro. Hoge Raad voor Vrijwilligers geen voorstander Onder meer de Hoge Raad voor Vrijwilligers heeft zich in het verleden echter steeds negatief uitgesproken ten aanzien van een verhoging van de bij de wet voorziene maximumbedragen van de forfaitaire vergoedingen per dag en per jaar. Zo staat er in het advies dat werd opgemaakt naar aanleiding van het tienjarig bestaan van de vrijwilligerswet dat inzet en kosteloosheid de essentie vormen van en kenmerkend zijn voor vrijwilligerswerk. De Hoge Raad geeft ook aan dat de vergoedingen voor vrijwilligerswerk dienen om de door de vrijwilliger gemaakte kosten te dekken, maar dat zij niet mogen dienen om de aan vrijwilligerswerk bestede tijd te vergoeden. Daarnaast zou een verhoging van de maximumbedragen ook kunnen leiden tot meer discriminatie tussen organisaties die het zich kunnen veroorloven om vergoedingen te betalen en organisaties die dit niet kunnen.
Verenigingswerk Onder meer op vraag van de sportsector, werd er onlangs ook een specifiek statuut (verenigingswerk) in het leven geroepen om een oplossing te bieden voor de grijze zone tussen vrijwilligerswerk en reguliere arbeid. Als dit statuut niet geschikt blijkt, moet dit statuut herbekeken en eventueel gewijzigd worden. Het onbezoldigde karakter van het vrijwilligerswerk moet echter gevrijwaard blijven. Een verhoging van het plafond voor kostenvergoedingen voor bepaalde sectoren ondergraaft dan ook de initiële bedoeling van de vrijwilligerswet. 
Abvv 2