Reiswetgeving: wachten op de guidelines

Eind vorig jaar, op 9 november, keurde het federale parlement de wet goed met betrekking tot de verkoop van pakketreizen, gekoppelde reisarrangementen en reisdiensten. De huidige regelgeving die dateert uit 1994 wordt hierdoor opgeheven. De inwerkingtreding van deze wet is voorzien voor 1 juli 2018. Maar niet alle pijnpunten zijn weggewerkt, zo stelden we enkele maanden geleden al vast (zie vorige berichtgeving). Hoe staat het er nu voor?

Opmaak van guidelines

Omdat de goedgekeurde wet nog steeds zeer veel interpretatieruimte laat, heeft de FOD Economie, KMO, Middenstand en Energie op vraag van de minister in het najaar van 2017 een werkgroep opgericht om input te verzamelen van vertegenwoordigers van het middenveld over de praktische invulling en toepassing van de wet. Op basis van deze input zullen guidelines worden opgemaakt die vooral dienen om de interpretatie van de 3 uitsluitingsvoorwaarden (zonder winstoogmerk, incidenteel karakter en de beperkte groep) te verduidelijken.  Tijdens de werkgroep werden verschillende praktijkvoorbeelden aangehaald om de onduidelijkheid te illustreren of de problemen die een te strikte interpretatie van de uitsluitingsvoorwaarden zou kunnen veroorzaken. Momenteel finaliseert de FOD de guidelines en deze zullen in de loop van de komende weken gepubliceerd worden op de website van de FOD. Wij kijken alvast uit naar het resultaat en hopen dat deze guidelines heel wat onzekerheid zal kunnen wegnemen in de sector.
handen laptop - Website 10

Individuele reisdiensten

Naast de nood aan duidelijke guidelines zorgt ook de bepaling voor het organiseren van individuele reisdiensten voor problemen. Organisaties die als professioneel gezien worden en naast pakketreizen ook afzonderlijke reisdiensten organiseren, hebben voor deze reisdiensten een informatieverplichting ten aanzien van de deelnemers én moeten een verzekering tegen insolventie aangaan. Concreet betekent dit dat een lokale afdeling van bijvoorbeeld de KWB, die voor zijn leden een weekend met busvervoer, overnachting en enkele uitstappen organiseert (een pakketreis), doorheen het jaar ook voor élke afzonderlijke reisdienst aan de door de wet bepaalde verplichtingen zou moeten voldoen, indien zij als professioneel aanzien worden (artikel 71 t.e.m. 74 van het voorontwerp). Een afzonderlijke reisdienst kan bijvoorbeeld het aanbieden van passagiersvervoer zijn of een bezoek aan een museum. Het kan echter niet de bedoeling zijn dat een lokale afdeling zich zou moeten beschermen tegen insolventie wanneer zij een museum zou gaan bezoeken of met haar leden met de bus naar Ieper of Oostende zou gaan. De financiële en administratieve overlast die deze bepaling met zich mee brengt voor het lokaal verenigingsleven kan ervoor zorgen dat een heel aantal organisaties zullen schrappen in hun aanbod, daar waar Vlaanderen net cultuurparticipatie tracht te stimuleren.

Het middenveld is bezorgd

Recent uitten meer dan 20 middenveldorganisaties waaronder De Federatie Sociaal-Cultureel werk, Het Katholiek Onderwijs Vlaanderen, De Vlaamse Jeugdraad, De Verenigde Verenigingen en Sociare hun bezorgdheid in een brief gericht aan bevoegd minister Peeters. In deze brief (zie onder) werd nogmaals de vraag gesteld om rekening te houden met de verschillende bezorgdheden die leven in de sector. We kijken alvast uit naar de ’guidelines’ en hopen dat dit de bezorgdheid bij de sector deels zal wegnemen.  We blijven echter vragende partij om op basis van deze guidelines nog eens samen te zitten. Om het probleem ten aanzien van de organisatie van individuele reisdiensten op te lossen zijn duidelijke guidelines echter niet voldoende. Hiervoor is er een wetswijziging nodig. Gezien de wet al op 1 juli van toepassing wordt is het noodzakelijk dat hierover snel duidelijkheid komt voor de sector opdat ook zij hun achterban op een gepaste manier kunnen informeren.