Artistieke vorming is noodzakelijk voor ambitieus onderwijs

Net voor de zomer stelde Ben Weyts, minister van Onderwijs, het voorontwerp voor van de nieuwe eindtermen voor de 2e en 3e graad van het secundair onderwijs. Eerder al had hij aangekondigd de lat van ons onderwijs “hoog” te willen leggen. Tijdens de zomer bereidde de Vlaamse Onderwijsraad (VLOR) en de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV) een gezamenlijk, scherp advies voor. Als klap op de vuurpijl kwam vorige week het nieuws dat het Katholiek Onderwijs Vlaanderen de bijl zet in artistieke vorming. De ongerustheid stijgt ook bij de amateurkunstenorganisaties, die als geen ander weten hoe belangrijk het is dat kinderen op jonge leeftijd in contact komen met kunst en cultuur.

Scherp advies van Vlor en SERV

Het gezamenlijke advies van de Vlor en de SERV focust op twee belangrijke aandachtspunten. De raden stellen zich enerzijds vragen over de haalbaarheid van de nieuwe eindtermen. Volgens het advies reiken de eindtermen verder dan minimumdoelen. Het moet voor scholen en leerkrachten doenbaar zijn om de eindtermen in het aantal lesuren te vatten. “De raad vreest een substantiële verzwaring van de studielast in meerdere studierichtingen. Hij is van mening dat de eindtermen die nu voorliggen, geen minimumdoelen zijn, niet beperkt in aantal of sober geformuleerd.” Anderzijds formuleren de raden kritiek op het gelopen proces. Hoewel experten in “ontwikkelcommissies” reeds 2 jaar aan concrete voorstellen werkten, werden deze niet steeds gevolgd. Daarbij komt dat adviesprocedures onder zware tijdsdruk tot stand moesten komen.
School Photo By Ne Onbrand On Unsplash

Leerkrachten artistieke vorming ongerust

Terwijl de discussie over de haalbaarheid van de nieuwe eindtermen nog volop woedde, uitten leerkrachten van het Katholiek Onderwijs in een open brief hun bezorgdheid over het voortbestaan van muzikale opvoeding, plastische opvoeding en esthetica. Nochtans kwam eerst het goede nieuws: "artistieke vorming" was voor het eerst een eindterm. Maar al snel moesten "Artistieke Vorming” en “Esthetica” in de lessentabellen plaatsmaken voor een nieuw vak bestaande uit 3 componenten: “Maatschappelijke, Economische en Artistieke Vorming” (MEAV), waardoor er beduidend minder lesuren overblijven voor artistieke vorming.
De leerkrachten wijzen erop dat het zo moeilijk wordt om de Europese sleutelcompetenties te bereiken, waarvan ‘Cultureel bewustzijn en culturele expressie’ er één is. CANON Cultuurcel (van het Departement Onderwijs) helpt scholen om hier werk van te maken en focust daarbij op een brede en geïntegreerde visie van kunst en cultuur. De scholen van het Katholiek Onderwijs geven aan dat er met de nieuwe eindtermen meer mogelijkheden zijn om kunst en cultuur ook buiten het vak "artistieke vorming" binnen te brengen in de opleiding, bijvoorbeeld via projecten of geïntegreerd in taal- of wetenschapsvakken. Maar of elke school dit effectief zal doen en hoe dit allemaal zal verlopen, is nog koffiedik kijken.
Hands

Minister Weyts op de rooster

In de commissie Onderwijs van 17 september 2020 werd minister Weyts op de rooster gelegd over de nieuwe eindtermen. Is de minister van plan om het gezamenlijk advies van de Vlor en de SERV te volgen? Hoe wil hij het draagvlak voor deze eindtermen bij de onderwijsverstrekkers vergroten? En wat denkt hij van de “oplossing” van het Katholiek Onderwijs om de ambitieuze eindtermen in het lesrooster te krijgen? De minister liet weinig in z’n kaarten kijken, en benadrukte vooral het belang van “ambitieus onderwijs”. 
Maar hoe ambitieus is ons Vlaams onderwijs als één van de grootste onderwijskoepels geen volwaardig vak artistieke vorming meer aanbiedt? Kunst en cultuur dragen bij tot creativiteit, innovatie, maatschappelijk bewustzijn, integratie, expressie,.... Ze zijn onontbeerlijk voor een onderwijs dat wil inzetten op “21st century skills”. Het artistieke moet een wezenlijk onderdeel zijn en blijven van het pleidooi voor een toekomstgericht STEAM-onderwijs, waarbij technologie, wetenschap en creativiteit de scholieren voorbereiden op een snel veranderende maatschappij.
We onthouden vooral de woorden van minister Weyts dat de eindtermen “geen eindstation” zijn. We volgen het advies van de Vlor en de SERV om de haalbaarheid van de eindtermen te monitoren, maar er moet zeker ook aandacht besteed worden aan de manier waarop de onderwijskoepels de eindtermen implementeren in het lesrooster. Artistieke vorming mag niet het slachtoffer worden van een “ambitieus”, maar verbeeldingsloos onderwijs Voorts is er ook bij amateurkunstenorganisaties de bezorgdheid dat het belang van kunst en cultuur niet in de verf gezet wordt, nét op een moment dat de maatschappelijke coronacrisis er ons aan herinnert hoe groot dat belang wel is. Door er minder aandacht aan te geven op school - een plek die elk kind/jongere bereikt los van achtergrond of kennis - wordt het nog meer als een overbodige luxe gepresenteerd