Betoging lage resolutie web 42

Goedgekeurde Conceptnota sociaal-cultureel volwassenenwerk trekt debat op gang

Dossier: Decreet Sociaal-Cultureel Volwassenenwerk

Op 17 juli keurde de Vlaamse regering de Conceptnota voor een vernieuwd decreet sociaal-cultureel volwassenenwerk goed. Het leidde tot een debat in de Commissie voor Algemeen Beleid, Financiën, Begroting, Justitie en Onroerend Erfgoed op 22 juli waar los van de inhoud ook over de vorm van het debat vragen gesteld werden. Verschillende parlementsleden hekelden de manier waarop het debat wordt gevoerd en benadrukten dat die de parlementaire stiel niet dient.

Oorzaak van de scherpte van dit debat? Zowel Maurits Vande Reyde (Project Durf) als Filip Brusselmans (Vlaams Belang) lieten hun ongenoegen over de conceptnota en bij uitbreiding hun minachting voor de sector blijken: “Dit decreet moet worden afgeschaft en mag niet nog meer organisaties daarin toelaten.” (Brusselmans) 

Wij zijn van mening dat het sociaal-cultureel volwassenenwerk een ernstig inhoudelijk politiek debat verdient. Uit respect voor elke organisatie, voor een sector waarin honderden bestuurders, duizenden medewerkers en tienduizenden vrijwilligers zich elke dag smijten voor de mensen rondom hen en voor de samenleving in het geheel, kiezen we ervoor geen schijnwerpers te zetten op de onjuistheden en karikaturen die tijdens de Commissie aan bod kwamen. We weigeren het debat daartoe te laten verengen.  

Brede steun voor een sterke sector

Over partijgrenzen van meerderheid en oppositie heen klinkt in het debat tegelijk een ander geluid. Met de goedkeuring van deze conceptnota erkent de Vlaamse Regering – bij monde van minister Gennez – sociaal-culturele organisaties als een essentiële schakel in het culturele veld en verdienen ze een plek in de ruimte tussen markt en overheid. 
Mensen die Vlaanderen mee vormgeven en bijdragen aan onze welvaart en ons welzijn blijven een fundamentele schakel in onze gemeenschap. De Vlaamse Regering kiest ervoor om die organisaties en mensen verder te ondersteunen.
Minister Gennez (Vooruit)
Inkiijkdag amateurkunsten lage resolutie 55

Gijs Degrande (N-VA). Foto: Sophie Nuytten

Ook Gijs Degrande (N-VA) treedt de minister bij: “Wij zijn een gemeenschapspartij en wij vinden aan werkingen die mensen samenbrengen en die de gemeenschap versterken, weinig absurds. Dit decreet schrappen laat dus niet alleen die organisaties en die werking, maar ook die talloze vrijwilligers die erin actief zijn en die aan de basis staan van de organisaties, in de kou. Wij kiezen dus absoluut niet voor die optie.”  Maar er is nog werk aan de winkel. Volgens N-VA is de uitdaging nu om het systeem zo te gaan finetunen en verfijnen dat de doelstelling en de uitkomst van het decreet zo goed mogelijk op elkaar aansluiten. 
Parlementslid Frederik Sioen (Vooruit) nam het afgelopen jaar tijd om een veertigtal organisaties te bezoeken en zag met eigen ogen “wat organisaties in beweging brengen, welk werk ze kunnen verzetten, welk engagement ze hebben voor mensen die een duwtje in de rug verdienen, en wat ze voor die mensen verwezenlijken” en samen met Kris Verduyckt (Vooruit) wijst hij op het belang van sociaal-culturele organisaties in tijden waarin een samenleving individualistisch en gepolariseerd is en op alle andere maatschappelijke tendensen waarop onze sector inspeelt. 
Inkiijkdag amateurkunsten lage resolutie 85

Frederik Sioen (Vooruit). Foto: Sophie Nuytten

Jeremie Vaneeckhout (Groen) stelde dat de Vlaamse regering zich vorig jaar heeft vastgereden in enkele symbooldossiers en onvoldoende heeft durven vertrouwen op de expertise van de eigen beoordelingscommissies. Ook in de toekomst ziet Vaneeckhout de regering in dezelfde problemen terechtkomen omdat het volgens hem de regering ontbreekt aan lef om expliciet te zeggen dat het een kerntaak van de overheid is om een kritisch, breed en divers middenveld mee te ondersteunen. Tegelijk wees hij erop dat die keuze volgens hem wél in de toelichting bij de conceptnota staat. Maar hij waarschuwt dat: “als we niet collectief met democratische partners (…) onze nek durven uitsteken en durven zeggen dat het een bewuste keuze is die we als samenleving maken, we dan altijd in het defensief geduwd zullen worden door mensen die ofwel alles willen afschaffen, ofwel bepaalde organisaties die hen ideologisch niet aanstaan middelen willen ontzeggen.

Minister Gennez licht conceptnota toe: minder planlast, meer duidelijkheid

Minder planlast, heldere opdrachten en transparante, gelijkvormige procedures zijn voor de minister de uitgangspunten voor het nieuwe decreet.

De minister in een notendop*: het nieuwe decreet krijgt een nieuw en helder doelstellingenkader en maakt komaf met de nodeloze discussies over rollen en functies uit het oude decreet. De rollen verdwijnen en de definities van de functies worden op punt gezet, met ruime aandacht voor de gemeenschapsvormende functie en een versterking van de culturele belevingsfunctie. Sociaal-culturele volwassenenorganisaties moeten hun energie kunnen steken in wat ze kunnen en willen doen: mensen helpen, met elkaar verbinden en inzetten op kritische reflectie over vraagstukken die leven in onze samenleving. Waarbij de vier functies altijd centraal staan. Een belangrijk uitgangspunt is de vermindering van de planlast. De beoordeling vertrekt van wat organisaties in hun dagelijkse praktijk willen realiseren, met een duidelijke koppeling tussen strategische en operationele doelstellingen, acties en de daaraan gekoppelde mensen en middelen. Het doelstellingenkader wordt onder meer via jaarlijkse voortgangsrapportage, met meer aandacht voor kwantitatieve gegevens, opgevolgd. De evaluatie zal op basis daarvan gebeuren, samen met de financiële rapportering.  

De beleidsperiode duurt vijf jaar en er komt gedurende de hele periode ruimte voor dialoog, met waar nodig verhoogd toezicht voor organisaties die bijvoorbeeld minder scoren op zakelijk/financieel vlak en op vlak van goed bestuur. Daarbij kan de administratie beslissen om externe experts te betrekken. Ook de procedures, criteria en beoordeling worden zoveel mogelijk gelijkgeschakeld voor alle organisaties; het onderscheid tussen landelijke en regionale organisaties vervalt grotendeels. Nieuw is de incubatieperiode voor nieuwe organisaties, met een gefaseerde instap en een maximumsubsidie van 200.000 euro. Het nieuwe decreet vertrekt van dezelfde budgettaire enveloppe van 83 miljoen euro en treedt in werking in 2031, na een ontwerp in het eerste kwartaal van 2027 en de beoogde goedkeuring later dat jaar.  

(*Dit en veel meer lees je in de conceptnota en in de rest van het commissieverslag).  

Een hele boterham…

Gijs Degrande (N-VA) ziet ook dat in de conceptnota heel wat zaken herbekeken worden en verwijst daarbij ook naar de conceptnota die N-VA enkele maanden geleden indiende. In de conceptnota die goedgekeurd werd door de regering herkent hij heel wat zaken die hij goed vindt, zoals het lossen van budgettaire grendels, aangescherpte en geobjectiveerde beoordelingscriteria, beperking van planlast, focus op cultuur en gemeenschap, een finale beslissing die bij de regering blijft, het opnemen van kwantitatieve gegevens en bovendien verwijst hij ook naar de clausule binnen de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën (VCO) rond gewelddadig extremisme, dat voor elk beleidsdomein, dus ook voor het sociaal-cultureel volwassenenwerk, van toepassing is. 

Ook hierover is het laatste debat ongetwijfeld nog niet gevoerd. (Meer weten? Lees hier even verder)  In de commissie kwamen verder nog heel wat vragen aan bod. Voer voor verder debat in de komende maanden ter voorbereiding van het nieuwe decreet.   

Volgens minister Gennez is de synthese alvast helder

“Het is een decreet met minder planlast, met duidelijke doelstellingen, met heel concrete acties, met tussentijdse evaluaties die er inderdaad toe kunnen leiden dat subsidies worden ingetrokken, en met beoordelingscommissies die zullen worden aangestuurd en hervormd, maar waarmee wel rekening wordt gehouden. Maar aan het einde van de rit is het aan de verantwoordelijke mensen in de regering en in het parlement om voor of tegen te stemmen. Wij hebben voor gestemd. Wij zijn allemaal over onze schaduw gestapt, en dat is verdomd moeilijk in een context waarin de luidste roepers denken het alleenrecht op het debat te hebben." (minister Gennez)

Wij kiezen voor dialoog, en we zullen ervoor zorgen dat het decreet sociaal-cultureel volwassenenwerk van 2031 veel sterker, veel meer futureproof, veel minder politiek en veel meer maatschappelijk en gemeenschapsgericht is dan het vorige.
Minister van cultuur Gennez (Vooruit)

De komende weken analyseert De Federatie samen met de sector de conceptnota. Onze eerste reactie lees je hier.