Hoe wil minister Gennez 50 jaar expertise van Muziekmozaïek borgen?
maandag 19 oktober 2026
Dossier: Decreet Amateurkunsten
Net voor de zomer kreeg Muziekmozaïek, de amateurkunstenorganisatie voor folk en jazz, te horen dat hun subsidie vanaf 2027 wordt stopgezet. In de Commissie Cultuur van 15 oktober 2026 bevroegen verschillende parlementairen minister Gennez over deze abrupte beslissing. De minister voorziet € 285.000 voor de verdere ondersteuning van folk en jazz. Hoe worden de opgebouwde expertise, projecten en samenwerkingen geborgen? En hoe realistisch is dit met een beperkt budget?
Muzikaal protest
De beslissing over de stopzetting van de subsidie kwam voor Muziekmozaïek én voor het amateurkunstenveld als een donderslag bij heldere hemel. Bij eerdere vragen over deze beslissing in de Commissie Cultuur, verwees minister Gennez naar het advies van de externe beoordelingscommissie: de organisatie zou "de overstap naar het nieuwe Amateurkunstendecreet gemist hebben". De organisatie legde zich niet zomaar neer bij dit advies. Deze zomer publiceerde ze een uitgebreide reactie op de beoordeling, er kwam een open brief aan de minister en meer dan 500 muzikanten uitten met 'De laatste noot' hun muzikaal protest tegen de stopzetting.
(c) William Rioja voor Muziekmozaïek
Minister Gennez beloofde eerder al in gesprek te gaan met Muziekmozaïek. Ze reserveert ook € 285.000 om de toekomst van folk en jazz veilig te stellen, weliswaar onder de vleugels van een andere amateurkunstenorganisatie. Parlementsleden van verschillende partijen vroegen de minister om updates, waaronder Kris Poelaert (cd&v), Manu Diericx (N-VA) en Jan Laeremans (Vlaams Belang). Ook Frederik Sioen (Vooruit) en Bram Jaques (Groen) traden de bezorgdheden bij.
Vragen bij de procedure
De procedure en het kader van het nieuwe Amateurkunstendecreet werden in vraag gesteld. Zo kreeg Muziekmozaïek formeel niet de mogelijkheid om repliek te geven op het advies van de beoordelingscommissie.
Kris Poelaert (Vlaams parlementslid voor cd&v) wees daarbij op een groot verschil met het vorige decreet. Daar kon een organisatie nog maximaal 20% van de subsidie verliezen – wat de continuïteit van de ondersteuning van elke discipline hielp verzekeren. In het nieuwe decreet daarentegen kunnen alle subsidies wegvallen zonder grote waarschuwingen. Muziekmozaïek kreeg op voorhand geen duidelijke alarmsignalen die waarschuwden voor een mogelijke stopzetting. Men vraagt zich luidop af of er andere pistes werden verkend dan een abrupte stopzetting. En er wordt met aandrang gevraagd naar een “overgangsperiode en warmmenselijke oplossing”:
Toekomst van folk en jazz
De discussie gaat over meer dan de subsidiëring van één organisatie. Muziekmozaïek bouwde bijna vijftig jaar lang expertise op en bracht generaties muzikanten samen. Met initiatieven als het internationaal folkfestival Gooikoorts, de Stage voor Volksmuziek, Ethno Flanders en What the Folk?! creëerde de organisatie speel- en ontmoetingskansen voor muzikanten en hielp ze de folk- en jazztraditie levend te houden.
(c) Patrick Clerens voor Muziekmozaïek
Hoe wil de minister de ondersteuning voor folk en jazz verder zetten? Is de dialoog met Muziekmozaïek aangegaan? En zijn er al concrete plannen en afspraken? Parlementslid Manu Diericx (N-VA) vroeg bovendien of er “nog andere transitiebudgetten bij betrokken worden”? Hij vroeg ook hoe de overdracht van folk en jazz moet landen in de beheersovereenkomsten die op dit moment worden afgesloten met alle amateurkunstenorganisaties.
Koepelwerking versus projectwerking?
Minister Gennez spreekt haar waardering uit voor de werking van Muziekmozaïek, maar ze blijft achter het advies van de beoordelingscommissie staan, ook na de uitgebreide repliek van Muziekmozaïek. Ze beaamt dat het nieuwe Amateurkunstendecreet dat in 2024 in voege ging voornamelijk voortbouwt op de lijnen van het vorige decreet, maar stelt dat de lat een pak hoger ligt. Daarbij maakt ze een onderscheid tussen de “koepelwerking” van een amateurkunstenorganisatie en hun “terreinwerking” of “projectwerking”.
Voor Muziekmozaïek somt de minister projecten op als Gooikoorts, de Stage voor Volksmuziek, Ethno Flanders, What the Folk?!,… Ze vindt dat weliswaar activiteiten met een enorme impact en een groot bereik, maar ze voldoen volgens haar niet aan de koepelwerking van de amateurkunstenorganisaties in het nieuwe decreet.
Die redenering roept vragen op. In de Memorie van Toelichting bij het Amateurkunstendecreet wordt “de organisatie van grote (internationale) evenementen of projecten” expliciet genoemd als voorbeeld bij het beoordelingscriterium “zichtbaarheid voor het brede publiek”:
Naast de 6 kernopdrachten waarover de minister vaak spreekt als ze naar de “koepelwerking” verwijst, somt het decreet ook 6 beoordelingscriteria op waarmee de beoordelingscommissie rekening moet houden. Maar het beoordelingscriterium dat inspeelt op de zichtbaarheid van de discipline lijkt ze over het hoofd te zien.
Op zoek naar concrete plannen
In overleg met de minister werd afgesproken dat Muziekmozaïek vooral haar “projectwerking” wil verderzetten, alsook de structurele samenwerking met LUCA School of Arts. Muziekmozaïek wil ook mee zoeken naar een oplossing voor het documentatiecentrum en de uitleendienst van volksinstrumenten. Hoe dit moet landen zonder structurele subsidie, licht de minister niet toe.
De voorziene € 285.000 voor de verdere ondersteuning van folk en jazz wordt dus expliciet ingezet voor een nieuwe “koepelwerking” voor folk en jazz. € 50.000 daarvan gaat naar de 6e kernopdracht, namelijk rechtstreekse (financiële) impulsen voor beoefenaars. Het kabinet van minister Gennez startte hierover gesprekken op met VI.BE, de amateurkunstenorganisatie die ook andere muziekgenres ondersteunt. De gesprekken zijn nog lopende maar het is de ambitie om “de ondersteuning van folk en jazz in te bedden in een organisatie of structuur die hier op lange termijn voldoende slagkrachtig voor is”. Voor deze overdracht wordt een aparte overeenkomst afgesloten, al dan niet als addendum bij de lopende beheersovereenkomst.
Er is meer nodig dan goede intenties
De parlementsleden wijzen de minister erop dat het moeilijk is om een werking – die alom gerespecteerd wordt en veel impact heeft – verder te zetten zonder middelen of personeel. De vraag naar borging van expertise blijft grotendeels onbeantwoord. Hoe zal dit opgevangen worden? Moeten er overgangsmaatregelen worden opgenomen in het decreet? Hoe kan voorkomen worden dat de stopzetting van één organisatie een halve eeuw aan opgebouwde kennis en kansen voor muzikanten onder druk zet?
Tot slot geeft de minister aan dat er nog gesprekken lopen over het voortzetten van Muziekmozaïek als projectorganisatie:
De Federatie blijft aandringen op een goede dialoog met zowel Muziekmozaïek als VI.BE, maar enige realiteitszin is hier noodzakelijk. Hoe kan Muziekmozaïek de waardevolle “projectwerking” verder zetten zonder middelen? En hoe kan de ondersteuning van folk en jazz duurzaam gecontinueerd worden met een fractie van het oorspronkelijke budget?
Bovendien laat de werking van een amateurkunstenorganisatie zich niet eenvoudig opsplitsen in een “koepelwerking” enerzijds en een “projectwerking” op het terrein anderzijds. De voelsprieten op het terrein zijn nodig om – zoals de minister het zelf omschrijft – “een helikoptervisie op de discipline” te kunnen uitbouwen. Festivals, toonkansen en netwerkmomenten vormen sinds jaar en dag een essentieel onderdeel van de werking van amateurkunstenorganisaties. Ook binnen de visie van het nieuwe Amateurkunstendecreet, waarin net talentontwikkeling zo centraal staat, blijven die activiteiten enorm belangrijk.
Lees hier het volledige verslag van deze discussie in de Commissie Cultuur van 15 oktober 2026.
