De ravage kan en moet worden omgebogen

Binnenkort moet de Vlaamse regering beslissen over de subsidies voor het sociaal-cultureel volwassenenwerk voor de volgende vijf jaar. De adviezen liggen er. Zowat 85 % van de huidige organisaties kreeg een positief advies. 17 nieuwe organisaties mogen er bij. Vertaalt deze dikke plus zich ook in de subsidie-adviezen? Helemaal niet, want de commissies moesten binnen het huidige budget adviseren en konden er dus geen rekening mee houden dat het decreet sowieso een dikke 5 miljoen extra kost. Het vormingswerk en het verenigingsleven dreigen daardoor globaal de grootste slachtoffers te worden. Als de Vlaamse regering niet ingrijpt, verdwijnt er vanaf volgend jaar twee miljoen uit de vormingsorganisaties en 3,5 MIO uit de groep verenigingen. Voor de groeiende groep van de sociaal-culturele bewegingen vertalen de vele positieve adviezen zich slechts in een goede 500.000 euro voor allemaal samen, een stijging met amper 8 procent. Nogmaals een oproep om het tij te keren.

We schreven het vorige week al . Cultuurminister Jambon en met hem de hele Vlaamse regering lopen zich warm voor de beslissingen over het decreet sociaal-cultureel volwassenenwerk die binnen enkele weken moet vallen. Klik hier voor meer achtergrond en onze oproep aan de minister om de handrem te lossen. Vandaag werpen we een gedetailleerdere blik op het geheel. Enkele cijfers, dus.
20200527 Mis Quotes5

De eerste van de klas

Niet minder dan 84 procent van de erkende organisaties kreeg een positief advies: de helft ervan zelfs met grootste onderscheiding, zonder één enkele noemenswaardige opmerking. Deze teneur vertaalt zich niet in het geadviseerde subsidiebudget. Nog niet de helft van de organisaties ziet deze positieve appreciatie vertaald in een stijging van de subsidie-enveloppe. Voor slechts minder dan een derde van de organisaties stijgt het advies boven de besparing van ruim 6% die dit jaar is doorgevoerd. Van de 39 nieuwe organisaties die een aanvraag deden, bereikte slechts een goede 40 procent de eindmeet. En maar 4 van 17 onder hen kregen een subsidie geadviseerd die aansluit bij hun aanvraag. Het mag duidelijk zijn: de subsidie-adviezen weerspiegelen de appreciaties van de commissies niet.    

De handrem

De reden waarom de adviezen de appreciaties onvoldoende volgen is helder: de commissies moesten binnen het bestaande budget adviseren. Zij wikten en wogen met de handrem op. Het decreet toont een automatische meerkost aan van ruim vijf miljoen euro. Als deze meerkost door het geheel moet worden gedragen, boet zowat iedereen sowieso in. En dan hebben we het nog niet over de organisaties wiens hakken net niet over de sloot zijn geraakt.  Hoezo, automatische meerkost? Welnu, het decreet toont ambitie: geen begrenzing meer op het aantal organisaties dat intreedt, de ruimte om enveloppen van organisaties naar boven bij te stellen, de gedrevenheid om via laboratoriumprojecten kansen te geven aan organisaties, de broodnodige ondersteuning van organisaties die later erkend werden en enkel een minimumbedrag kregen,... En nog: de Federatie brengt geregeld burgerinitiatieven met een landelijke ambitie samen. De goesting om er nog meer tegenaan te gaan druipt er ook bij hen af. Niet minder dan 39 nieuwe organisaties klopten aan de deur. 17 ervan kregen groen licht van de commissie. Om die ambities waar te maken, is minstens 3.000.000 euro extra nodig. Daarnaast is er 300.000 euro extra nodig om de allerkleinsten over de decretaal afgesproken lat van 150.000 euro te tillen. En om voor de Vormingpluscentra de in het parlement afgesproken subsidie te voorzien, spreken we over 2.000.000 extra. 
20200527 Mis Quotes7
Tot slot wordt er elke vijf jaar een vaste enveloppesubsidie vastgelegd, die verder geen rekening houdt met de automatische stijging van de kosten. Met eenzelfde subsidie moet elke organisatie dus jaarlijks zwaardere kosten zelf dragen om enige continuïteit te kunnen verzekeren. Zo kost één personeelslid na 5 jaar gemiddeld 5.000 euro meer. Een gemiddelde organisatie draagt dus elke vijf jaar nagenoeg de kost van een voltijds equivalent om zijn personeelsaantal alleen maar te kunnen handhaven. Op het geheel van de sector berekend, zou de Vlaamse overheid elke vijf jaar dus ongeveer negen miljoen aan de begroting moeten toevoegen, enkel om de koopkracht van de organisaties te herstellen.

Verschraling van de sector

De diversiteit in de sector is altijd één van de sterktes geweest. Heel verschillende types van organisaties schrijven samen mee aan een sociaal-culturele agenda voor miljoenen Vlamingen. Duik hier maar even in hun praktijk, letterlijk van Bilzen tot De Panne. Ze doen dit door het werken met groepen vrijwilligers, door via vorming mensen sterker te maken, door in de praktijk de spelregels van de samenleving te verbeteren. Elk op zijn terrein, elk met zijn competenties, elk met zijn methodes. Ook hier moet bij de politieke beslissingen rekening worden gehouden. Wat stellen we vast op basis van de subsidieadviezen? De landelijke vormingsorganisaties dreigen budgettair tot een vijfde kleiner te worden en ook de verenigingen dreigen een slordige 3,5 miljoen euro kwijt te spelen. Nét op het moment waarop het maatschappelijk relancecomité oproept om het verenigingsleven te versterken en te investeren in levenslang leren: het sociaal-cultureel vormingswerk bereikt jaarlijks met ruim 11.000 activiteiten méér dan 200.000 volwassenen, dikwijls sleutelfiguren die belangrijke rollen in de samenleving vervullen (mantelzorgers, opvoeders, hulpverleners, burgerinitiatieven...). En ruim één derde van de deelnemers is laaggeschoold. Ook thematisch dreigt er een verschraling: Zo verliest het vormingswerk voor personen met een handicap honderdduizenden euro. Voor drie kwart van de bewegingen berekenden de commissies een positief subsidieadvies, wat zeker een opsteker is voor deze  groep. Maar tegelijk moeten we nuanceren: de aangroei van middelen blijft voor de meesten beperkt. Slechts een handvol onder hen -de grootste stijgers-  zullen met de bijkomende subsidie amper in staat zijn om één extra personeelslid aan te werven.              

Het moet en kan anders

Minister Jambon en de Vlaamse regering kunnen binnenkort ingrijpen: verstandig, realistisch maar broodnodig. De adviezen liggen er. Hun effecten zijn glashelder.  De maatschappelijke aanbevelingen zijn oorverdovend duidelijk. Vingers gekruist.