Evaluatie decreet sociaal-cultureel volwassenenwerk: de openingsdans

Het was Vlaams parlementslid Stephanie D'Hose (Open Vld) die donderdag in de commissie Cultuur van het Vlaams Parlement de openingsdans wilde inzetten, nadat De Federatie net zijn evaluatienota had verspreid. Het kabinet van Cultuurminister Jambon werkt op dit moment aan een voorlopige kalender en de eerste krachtlijnen. In het voorjaar van 2022 moet er een voorontwerp klaarliggen. Na een traject met De Federatie, zo bevestigde kabinetschef Pohlmann nog tijdens Wascabi.

De Federatie zit al sinds de start van het nieuwe decreet (in 2017) op de eerste rij om de uitvoering ervan te monitoren. Via bevragingen, uitwisselingen tijdens werkgroepen, de vele individuele contacten met organisaties verzamelden we tijdens de afgelopen drie jaar heel wat materiaal over de ervaringen op het terrein. Te vroeg om de fundamenten van het decreet te evalueren, zo stelden we vast, maar nooit te laat om voor de verdere uitvoering ervan verbetering na te streven. In een 68 bladzijden tellende nota analyseren we uitgebreid hoe één en ander verliep en eindigen we met aanbevelingen en verbetersuggesties.
Stephanie Dhose Web Low 09

Stephanie D'Hose (Open Vld)

Vele voorstellen komen neer op het aanscherpen van de afspraken, het optimaliseren van de draaiboeken,... Voor sommige ervan zal een aanpassing van het decreet nodig zijn. Spring naar de onderkant van dit artikel en download daar het volledige rapport.

Laten leiden door drie documenten

Vlaams parlementslid D'Hose had het document al kunnen inkijken. Zij noemde het een "zeer goede bijdrage". En dus de vraag aan Cultuurminister Jambon wat zijn algemene reactie was en hoe hij het evaluatietraject verder ziet. Voor minister Jambon loopt de grondtoon van het rapport van De Federatie op verschillende vlakken gelijk met de evaluatierapporten van zijn eigen administratie. Hij weet ook dat een optimalisatie van de draaiboeken aan de orde is. Op dit moment bereiden zijn kabinet en de administratie de uitgangspunten voor. Verder zullen zijn krachtlijnen voor de evaluatie ook in grote lijnen aansluiten bij wat hij "de sterk uitgewerkte passage in het regeerakkoord" noemde. Hiermee doelde hij op de passage waarin tussen de regeringspartijen werd afgesproken om bij de start van de eerste beoordelingsfase het decreet in de eerste maanden van de huidige legislatuur aan te passen. Dit is uiteindelijk niet gebeurd (klik hier als je meer over wil weten), maar de minister wenst ook deze passage opnieuw mee te nemen in de verdere besprekingen.

Overleg en draagvlak centraal

De opwarmer voor deze parlementaire openingsdans vond plaats tijdens Wascabi op 3 september. Daar beklemtoonde ook Joachim Pohlmann, kabinetschef van de Cultuurminster, het belang van gedegen overleg met De Federatie. Ook de parlementsleden drukten hierop. Orry Van de Wauwer (CD&V): "als er aanpassingen aan het decreet nodig zijn, dan zullen dat aanpassingen zijn omdat de sector er zelf ook om vraagt". Katia Segers (Vooruit): "Mijn oproep aan de Vlaamse regering: doe dit goed, doe dit in samenspraak met de sector, capteer wat zij te zeggen hebben". Stephanie D'Hose beklemtoonde dat zij nog steeds overtuigd is van de huidige krachtlijnen van het decreet, waaronder het "civiel perspectief". Zij werd hierin bijgetreden door Van de Wauwer: "geef de organisaties zelf de ruimte om hun keuzes te maken, ga hen niet instrumentaliseren om aan beleidsuitvoering te doen". De grondtoon van dit gesprek was duidelijk: decretale rust, enkele weeffouten eruit halen en dit vanuit een breed draagvlak bij de sector.