Waarom nu investeren in de amateurkunstensector de moeite loont

“Er is de laatste jaren binnen onze sector ontzettend hard gewerkt. En dat maakt dat we nu – zonder blikken of blozen – kunnen stellen dat de uitstraling van de kunsten vandaag begint in de amateurkunstensector.” (An Leenders, directeur Creatief Schrijven)

De amateurkunstensector is booming business. Meer dan 2 miljoen Vlamingen – of 44% van de Vlaamse bevolking – doet aan amateurkunsten. Meer dan 10.000 groepen, bands en collectieven musiceren, spelen theater, zingen, dansen, filmen,… maken kunst. Zij worden ondersteund door de negen landelijke amateurkunstenorganisaties. Tegen 1 oktober 2021 beslist minister-president Jambon over de subsidie-enveloppe van deze organisaties voor de volgende vijf jaar. In hun financiële behoefteplannen berekenden de amateurkunstenorganisaties dat ze een kwart meer middelen nodig hebben om hun ambities waar te maken.

25% extra middelen nodig

Op 1 maart 2021 dienden de negen landelijke amateurkunstenorganisaties hun financiële behoefteplannen voor de nieuwe beleidsperiode in. Daarin schetsen ze hun plannen voor de komende vijf jaar, en berekenen ze de noodzakelijke extra middelen. Om de meer dan 2 miljoen beoefenaars in Vlaanderen te ondersteunen, zijn er 25% extra middelen nodig. Daarmee flirten de organisaties met het maximale groeipercentage dat het amateurkunstendecreet voorziet: alle subsidie-enveloppes samen kunnen maximaal 20% groeien.
Na jaren van besparen is het alvast een eerste goede stap dat een deel middelen via het projectreglement talentontwikkeling terugkomt naar de amateurkunstensector. We becijferden immers dat Vlaanderen in tien jaar tijd 23,15% bespaard heeft op het budget van de amateurkunstensector. Dat komt neer op ongeveer 7,8 miljoen euro. En dat terwijl er in diezelfde periode meer dan 500.000 beoefenaars zijn bijgekomen.
VLAMO c Robert Boons 2

©Robert Boons voor VLAMO

Twintig jaar professionalisering en kwaliteitsbevordering

De meeste amateurkunstenorganisaties bestaan intussen twintig jaar. Zoals ook blijkt uit de lovende synthesenota van de evaluaties zijn ze uitgegroeid tot professionele, sterke organisaties die de kunstbeoefenaar centraal stellen. Ze blinken uit in ondersteuning en talentontwikkeling, blijken sterk in publieksevenementen en innovatie, en spelen een belangrijke rol bij de promotie van hun disciplines. Bovendien zetten ze in op de maatschappelijke meerwaarde van actieve cultuurparticipatie.
Tegelijk hebben de landelijke amateurkunstenorganisaties er de laatste jaren verschillende taken bij gekregen. Het wegvallen van het Forum voor Amateurkunsten noopt de landelijke organisaties immers tot een herdenking van hun rol. Ook tijdens de coronacrisis hebben de organisaties zich in sneltempo heruitgevonden als ondersteuner, netwerkspeler, aanspreekpunt en innovator voor hun discipline.
EK Poetry Slam Leuven Andrew Snowball kopie

(c) Andrew Snowball (EK Poetry Slam Leuven)

Draagvlak van amateurkunsten

Het belang van de amateurkunstensector voor brede en diverse cultuurparticipatie in Vlaanderen kan niet onderschat worden. Amateurkunstenaars nemen gemiddeld 11% vaker deel aan culturele activiteiten. Maar ook op persoonlijk vlak heeft amateurkunstenbeoefening een grote impact.
"Je leert je te verbinden, je leert jezelf kennen. Je durft meer, je wordt sterker. En je leert ook betekenis geven aan dingen."
Ingrid Dullens (theatergezelschap Mals Vlees) over de impact van amateurkunstenbeoefening
De kansen die er in de toekomst liggen, zijn talrijk, maar de uitdagingen zijn dat ook. De landelijke amateurkunstenorganisaties dromen van een amateurkunstenbeleid op maat van de beoefenaar, van lokaal, over bovenlokaal tot internationaal niveau. Ze streven naar een diverse en inclusieve amateurkunstensector, met bruggen naar vele sectoren zoals (deeltijds kunst)onderwijs, welzijn, professionele kunsten, toerisme, de jeugdsector, wetenschappen, sociaal-cultureel werk, enzovoort. Digitalisering en innovatie werken daarbij als deeltjesversneller.

Er zijn meer beoefenaars dan ooit en hun noden zijn hoog. Ze vragen ondersteuning in talentontwikkeling, meer contact met andere beoefenaars en meer creatieve cursussen en vormingen. Ook verwachten ze meer ondersteuning op lokaal niveau.


Om de amateurkunstensector verder te laten groeien en te fungeren als motor voor brede cultuurparticipatie, hebben de landelijke amateurkunstenorganisaties middelen nodig. Het zijn hun initiatieven die een boost geven aan de meer dan 2 miljoen beoefenaars. Dat zijn 2 miljoen redenen voor een kwart meer middelen.