Zijn de Vlaamse BBT zinvol voor AK en SCW?

Qué? Welnu, in het najaar 2020 schreven alle Vlaamse ministers een brief. Vroeger bekend als ‘beleidsbrief’, voortaan ‘BBT’ genoemd: Beleids- en BegrotingsToelichting. Nieuwsgierig als we zijn, gingen we even in alle BBT’s grasduinen, op zoek naar fijne mogelijkheden of minder fijne verrassingen voor onze sectoren. Over de BBT cultuur hadden we het eerder al en we berichtten ook al over de bespreking ervan in het Vlaams Parlement. Deze BBT omvat natuurlijk de meeste maatregelen met een rechtstreeks effect op onze sectoren. Maar er is dus meer.

Digitaler en eenvoudiger

De trend was al ingezet en de coronacrisis heeft de mogelijkheden van digitalisering in de verf gezet. Maar ook de beperkingen ervan. Quasi alle BBT’s besteden er dan ook aandacht aan. Minister van financiën en begroting Diependaele vermeldt de ‘digitale transformatie van de economie’ als één van de belangrijkste speerpunten in het relanceplan Vlaamse Veerkracht, waar maar liefst 4,3 miljard euro voor uitgetrokken wordt. Verder komt ‘cultuur’ helaas niet aan bod in deze BBT. Als minister-president streeft Jambon naar een “state-of-the-art digitale dienstverlening aan burger, ondernemer en vereniging” met een blijvende aandacht voor het ‘once only’ principe. Daarnaast is er de ambitie om beleidsinformatie en regelgeving beter toegankelijk te maken voor burgers en ondernemingen.
Computer lamp
Minister van binnenlands bestuur en stedenbeleid Somers wil met het actieplan ‘Iedereen Digitaal’ 30 miljoen euro investeren om kwetsbare mensen en mensen die in armoede leven toegang te geven tot computers en internet. Ook in zijn functie als minister van gelijke kansen en inburgering wil Somers extra aandacht schenken aan de beleidsaanbevelingen rond de digitale relance en e-inclusie. Zo wil hij een e-inclusiebeleid in en door lokale besturen versterken en een reeks ondersteunende maatregelen nemen zoals een digitale toegankelijkheidstoets, een Vlaams netwerk van digibuddies en het versneld uitrollen van audiovisueel en online oefenmateriaal. Het is duidelijk dat er veel animo is om de digitale samenleving een versnelling hoger te schakelen en daarbij niemand achter te laten. Daar liggen ongetwijfeld ook kansen voor sociaal-culturele organisaties die vaak al pionierden met projecten rond e-inclusie.
Voor het verminderen van regeldruk en het verbeteren van de kwaliteit van wetgeving komt er een nieuw overkoepelend actieplan. Eén van de 6 werven van dit plan is ‘samen vereenvoudigen met bedrijven, verenigingen en burgers’. Een andere werf focust op het verminderen van administratieve lasten. Ook minister Weyts wil specifiek voor vrijwilligers in de sportsector de planlast verminderen en streven naar administratieve vereenvoudiging en digitalisering.
Het middenveld zal een belangrijke rol spelen in het maatschappelijk en economisch herstel
Minister-president Jambon

Participatie

Minister-president Jambon stelt dat “het middenveld een belangrijke rol zal spelen in het maatschappelijke en economische herstel”. Hij verwijst daarbij naar het nieuwe samenwerkingscharter met de Verenigde Verenigingen (2020-2024). Minister van welzijn, volksgezondheid en gezin Beke stelt een nieuwe beheersovereenkomst met de Vlaamse Ouderenraad in het verschiet. Hij wil ook een inclusief lokaal ouderenbeleid verder stimuleren. Ook bij het initiatief ‘Reizen naar Morgen’ staat het luisteren naar het publiek centraal. Minister van onroerend erfgoed Diependaele voegt eraan toe dat “het traject zal worden gevoed door een onderzoek naar de sociaal-culturele betekenis die Vlamingen hechten aan erfgoed, en een denkoefening omvat over manieren waarop we ons erfgoed goed in de etalage kunnen zetten”. Op het lokale niveau besteedt minister Somers aandacht aan burgerbetrokkenheid. Hij wil daartoe “de lokale besturen ten volle ondersteunen in hun rol als laboratoria voor burgerparticipatie”. Concreet wil hij dit voornamelijk doen via een versterkt partnerschap met VVSG. Inspraak, cocreatie en het verder bekijken van het ‘Right to challenge’ zullen daar een belangrijk element in zijn.

Lokale samenwerking

Niet enkel minister voor lokale besturen Somers pleit voor meer (projectmatige) lokale samenwerking door bijvoorbeeld projecten van lokale klimaattafels te ondersteunen. Zo wil minister Beke vijf bestaande OverKop-huizen structureel inbedden en lokale besturen en lokale organisaties stimuleren om deze verder vorm te geven. Hij wil ook de 11 sociale voedseldistributieplatformen die voedselverlies tegengaan structureel verankeren. Deze platformen ondersteunen onder andere vrijwilligersinitiatieven, socio-culturele en sociale diensten en voedselbanken die deze producten verstrekken aan maatschappelijk kwetsbare personen. Hij legt ook linken met het idee van ‘zorgzame buurten’. Minister Somers breidt het bestaande inburgeringstraject uit met een vierde pijler ‘sociale netwerking en participatie’. Hij verstaat daaronder bijvoorbeeld “buddywerking, stage, introductie in vrijwilligerswerk, taalstages, kennismakingstrajecten in een cultuur-, jeugd-, sportvereniging, woonzorgcentrum, lokaal dienstencentrum, buurtwerking,...” Vanaf 2021 starten hierrond minstens 20 lokale proeftuinen, waarvan minimaal 10 in kleine steden en gemeenten. Hij voorziet de nodige procesbegeleiding bij deze proeftuinen waarmee hij het integratieproces van inburgeraars wil versnellen en verbeteren. Of deze pijler de beoogde doelen bereikt, zal gemonitord worden via een ‘klantvriendelijk digitaal meetinstrument’. Tot slot wil minister Somers verschillende lokale beleidsmonitoren op elkaar afstemmen en samenbrengen op een nieuwe website. Hij stelt ook een nieuwe editie van de gemeente- en stadsmonitor in het vooruitzicht.
Jongeren samen

Centen

Het nieuwe format van de beleidsbrieven, de Beleids- en BegrotingsToelichting (BBT) dus, heeft het voordeel dat je meteen kan nagaan hoeveel geld via welke begrotingsartikelen naar welke beleidsmaatregelen gaat. Zo leren we dat minister Beke geld veil heeft voor experimentele of innovatieve projecten op het vlak van armoedebestrijding waar zowel lokale besturen als middenveldorganisaties beroep kunnen op doen. Minister van Brussel, Dalle, voegt – vanuit het relanceplan – 10 miljoen euro investeringsmiddelen toe aan het Vlaams Brusselfonds. Die investeringen “zullen moeten voldoen aan het verfijnde richtlijnenkader, waarbij elementen zoals toegankelijkheid, duurzaamheid en gedeelde infrastructuur zullen worden opgenomen”. Via een aparte subsidielijn “Projecten voor Brussel” steunt hij initiatieven “die een culturele, maatschappelijke en gemeenschapsvormende dimensie aan elkaar koppelen”. In Brussel is er ook geld voor “gemeenschapsoverschrijdende projecten waarbij culturele organisaties van de verschillende gemeenschappen met elkaar samenwerken, net als voor projecten die de cultuurparticipatie van kwetsbare doelgroepen versterken”.
Minister van gelijke kansen Somers bevestigt op zijn beurt de nominatimsubsidies van de middenveldorganisaties die specifiek rond gelijke kansen werken, zoals onder andere Furia en Çavaria. In de BBT van begrotingsminister Diependaele duikt opnieuw de invoering van een subsidieregister op. Een eerdere poging in de vorige legislatuur strandde. De bedoeling van dergelijk register is om alle subsidiestromen van de Vlaamse overheid overzichtelijk in kaart te brengen waardoor de “complementariteit van diverse subsidiemaatregelen bevorderd en bewaakt kan worden”. Ter voorbereiding van het register moeten alle beleidsdomeinen een overzicht aanleveren van alle subsidiemaatregelen die hun oorsprong vinden in hun eigen regelgeving. Zoals al eerder aangeven, hervormt minister Diependaele de erf- en schenkbelasting. Het tarief voor ‘zuiver altruïstische legaten’, alsook voor schenkingen aan goede doelen, wordt verlaagd naar 0%.

Vrijwilligers

Vrijwilligers spelen uiteraard een hoofdrol in de vermaatschappelijking van de zorg waarop minister Beke verder wil inzetten. Hij subsidieert daartoe o.a. Lus vzw, BurgersAanZet en nog een aantal organisaties.
Ook het Vlaams Steunpunt Vrijwilligerswerk wordt verder gesubsidieerd, evenals de meer dan 150 organisaties in Vlaanderen en Brussel die erkend zijn als organisatie voor autonoom vrijwilligerswerk. Beke kondigt wel een herziening aan van de huidige regelgeving inzake het georganiseerd vrijwilligerswerk binnen zijn beleidsdomein. Hij wil naar eigen zeggen een “zinvol en actueel kader voor vrijwilligerswerk dat een antwoord biedt op de huidige knelpunten”. Minister Dalle wil op zijn beurt – samen met minister Jambon - “de drempels en planlast die kinderen en jongeren tegenkomen bij het opnemen van een vrijwillig engagement verlagen en wegwerken”. Zoals hierboven al aangegeven ziet minister Somers vrijwilligerswerk als een belangrijke factor in ‘sociale netwerking en participatie’, de vierde pijler die hij toevoegt aan het inburgeringstraject.
Kapstokken francesco ungaro unsplash

Regio

Al geruime tijd wordt een nieuwe bovenlokale/regionale ‘laag’ – of eerder verschillende lagen – zichtbaar in Vlaanderen. De Vlaamse Regering wil die langzaam maar zeker stroomlijnen en stilaan ook bekijken hoe ze zich er best toe verhouden. Minister Somers geeft aan dat de regiovorming in 2021 op kruissnelheid komt (de zogenaamde "referentieregio's") en dat hij “in overleg met de lokale besturen en zijn sectoraal bevoegde collega’s zal inzetten op drie krachtlijnen: transformatie, impactanalyse, ondersteuning.” Zijn collega van jeugd, minister Dalle, meldt dat 5 intergemeentelijke samenwerkingen rond jeugd vanaf 2021 gesubsidieerd worden. Tegelijk zet hij de evaluatie van het decreet bovenlokaal jeugdwerk op de planning. Naar analogie met het decreet bovenlokaal cultuurbeleid dus. Minister Beke geeft aan dat de verdere opvolging van het actieplan Sterk Sociaal Werk verder opgenomen wordt door het Vlaams Platform Sterk Sociaal Werk maar dat er ook regionale platformen “Sterk Sociaal Werk” aan de slag gaan om praktijkwerkers zoveel mogelijk te betrekken. Enkele zijn al gestart maar door corona trad er vertraging op. In het verlengde van lokale ‘zorgraden’ die de schakel moeten vormen tussen welzijn, zorg en lokale besturen, kondigt minister Beke ook de oprichting aan van regionale zorgplatformen. Die zullen afgestemd worden op de referentieregio’s en er zal afstemming gezocht worden met de eerstelijnszones en regionale zorgzones.

Innovatie

In het kader van het actieplan “Werk aan de winkel” ontwikkelt de Vlaamse regering een subsidiekader om lokale besturen te ondersteunen bij hun kernversterkend beleid. Met projectoproepen om aantrekkelijke en bruisende buurten te creëren. En men ziet het breed: “Het gaat dan niet alleen om retailbeleving, maar ook om horecabeleving, co-workingspaces, cultuur, en entertainment. De rode draad doorheen het kernversterkend beleid is innovatie.” Innovatie en duurzame oplossingen staan overigens centraal om in aanmerking te komen voor middelen uit de relanceprovisies.
Voorts leren we dat Flanders DC in 2021 start met het organiseren van “Finmix” (= stappenplan en advies in functie van de optimale financieringsmix) voor culturele en creatieve sectoren, met een specifiek panel van experten en in samenwerking met Team Bedrijfstrajecten VZW.

Levenslang leren

Minister van werk en sociale economie Crevits kondigt samen met collega Weyts van onderwijs aan dat het Partnerschap Levenslang en Levensbreed Leren (enigszins naar analogie met het STEM-platform) in 2021 zal werken rond 4 uitdagingen: (1) Iedereen leergierig, (2) Leren is toegankelijk, (3) Vraag en aanbod zijn afgestemd en (4) Leren wordt werken en werken wordt leren. Weyts preciseert dat hij Levenslang Leren wil stimuleren door “o.a. (1) de uitbouw van een loketfunctie voor toeleiding naar levenslang en levensbreed leren (ingebed in CVO en CBE) en (2) een mediacampagne om gericht toe te leiden naar volwassenenonderwijs.” We hopen dat dit partnerschap ook zal inzetten op het stimuleren en faciliteren van leren in het sociaal-cultureel werk en amateurkunsten. Deze sectoren kunnen belangrijke partners zijn voor het volwassenenonderwijs om de leergoesting aan te wakkeren. Iets wat ook de VLOR al formuleerde in haar advies over dit platform. De VLOR stelde ook voor om een vertegenwoordiger van het sociaal-cultureel werk op te nemen in dit platform, maar daar ging de regering niet op in. Een vertegenwoordiger van de Raad Levenslang en Levensbreed Leren (waarin De Federatie vertegenwoordigd is) zal wel onze uitgangspunten meenemen naar dit platform. Eén van de eerste wapenfeiten van dit platform was een screening van de regelgeving waarover de Vlor alvast een advies uitbracht.
Schrift lat

Nog interessant

Minister Jambon kondigt een heus vormingsprogramma aan om binnen de Vlaamse overheid de EU-reflex te versterken.
Bij de veldtekening cultuureducatie (bevoegdheid van minister Jambon) garandeert minister Dalle een sterke betrokkenheid vanuit zijn kabinet zodat de cultuureducatieve jeugdverenigingen optimaal meegenomen worden. In de BBT onderwijs van minister Weyts vinden we -enigszins opvallend - niets terug over cultuureducatie. Hij meldt wel aan dat de evaluatie van het DKO-decreet uitgesteld wordt naar 2022. Als minister van sport, ondersteunt hij verder het ‘Sportkompas’, een manier om kinderen te laten kennismaken met verschillende sporttakken. Recent suggereerde hij in de parlementaire commissie onderwijs dat een soort ‘Kunstkompas’ mogelijk ook zinvol kan zijn. Zo zouden kinderen en jongeren op school kunnen kennismaken met verschillende kunstdisciplines en van daaruit kunnen aankloppen bij lokale verenigingen. Hij vermeldt voorts een onderzoeksproject door Demos naar de werking van sociaal-sportieve praktijken in Vlaanderen. Dit kan mogelijk ook voor onze sectoren boeiend materiaal opleveren. En in het rijtje ‘decreetsaanpassingen’ zal ook het decreet op de georganiseerde sportsector geëvalueerd worden en zo nodig gewijzigd. Minister Somers wil dan weer werken aan genuanceerde beeldvorming om discriminerend gedrag tegen te gaan. Hij bekijkt met onder andere minister Jambon welke bijdrage de cultuursector hierin kan leveren. Tot slot merken we in de BBT van minister van toerisme Demir dat ‘cultuur’ verengd wordt tot erfgoed. Ze verwijst wel naar de World Choir Games, die dus uitgesteld werden naar 2021.
Heel wat plannen en ambities waar eten en drinken in zit voor tal van organisaties uit onze sectoren dus. We hopen alvast dat hun bijdrages naar waarde geschat worden. Vanuit De Federatie zullen we niet nalaten om onze Vlaamse ministers aan hun plannen te herinneren.
Bart Verhaeghe Neem contact op met Bart